Baanonderhoud

Onderhoud
Zoals ieder mens op tijd wat koolhydraten en vitamines nodig heeft, heeft de grasmat van een golfbaan dat ook nodig.
Inmiddels loopt het groeiseizoen naar het einde, en toch blijft de juiste voeding belangrijk tot het laatste moment van het seizoen.

De 3 belangrijkste hoofdelementen in de voeding zijn:
N – Stikstof, deze zorgt voor de groei van het blad en de mooie groene kleur.
P -  Fosfaat is onmisbaar voor een goede worteling van de grasplant.
K – Kalium is als melk voor ons mensen en draagt zorg voor een goede stevigheid van het gras, eigenlijk worden de ‘botten’ van het gras versterkt.
Daarnaast onmisbaar voor het transport binnenin de plant.
Ca – Calcium en Mg – Magnesium zijn ook hoofdelementen, maar minder bekend, maar zeker ook belangrijk voor de grasplant, echter in zeer geringe mate. Een sterke plant is in de wintermaanden minder vatbaar voor schimmelinfecties, kan beter tegen de koude en hersteld na de winter weer sneller zodat het plantje in het voorjaar weer sneller ‘op weg’ is.

In de komende maand willen we alle onderdelen van de baan een Kalium gift geven om de grassen beter en sterker de winter in te laten gaan, en ook weer de winter uit te laten komen. Elk onderdeel van de baan heeft een andere gift nodig en in een andere vorm. Naast deze hoofdelementen zijn er verschillende sporenelementen noodzakelijk voor de plant, echter in zeer geringe mate. Enkele voorbeelden zijn Mangaan, Borium, Molybdeen, Silicium. Voor deze eerste bijdrage gaat het wat ver om hier dieper op in te gaan.

Naast al dit ‘eten’ voor de plant is een goede zuurgraad (Ph) erg belangrijk. De ideale Ph ligt voor de zandgronden tussen de 5 en de 5,5.
Met de juiste Ph zijn de voedingsstoffen beter opneembaar, is de grasplant beter bestand tegen droogte en ontwikkelt de plant een beter wortelgestel.
Om de Ph bij te sturen zijn er wel een paar mogelijkheden, echter is het lastig en vergt het een lange adem, omdat de Ph logaritmisch is.
(grond met een Ph van 4,5 is 10 maal zuurder dan grond met een Ph van 5,5)

Het overgrote deel van alle toegediende voedingsstoffen worden opgenomen door de plant, maar door grote plensbuien kunnen er ook ‘etenswaren’
wegspoelen. Dit voorkomen we deels door met langzaamwerkende meststoffen te strooien, deze spoelen veel minder snel uit.
Daarnaast dienen we de bemesting steeds in kleine porties toe, zodat er maar een kleine voorraad beschikbaar is, en dus uit zou kunnen spoelen.

In februari / maart steken we een aantal grondmonsters. (februari / maart is zo ongeveer het einde van de winter, dus meer spoelt er niet uit!) Deze grondmonsters gaan naar een laboratorium voor grondonderzoek.
In dit lab worden o.a. nauwkeurig bepaald wat de Ph is en hoeveel voedingsstoffen nog en de grond zitten.
Met deze uitslagen stellen we voor het komende jaar het bemestingsplan op, om zo het hele groeiseizoen een optimale groei
te krijgen en te houden.

Sponsors:

Beeldmerk Terneuzen